Verhalenfabriek
- Wednesday 28 September 2011 - 20:57
- 455 x read
Ik durf het haast niet te zeggen, maar mijn kind is een ‘excellente leerling’. Dit is de term die bij The One-Day-a-Week School van het ABC wordt gebruikt voor (in de volksmond) hoogbegaafde kinderen. In Amsterdam werden in eerste instantie 100 kinderen geselecteerd om hier aan mee te doen. Eén dag in de week ging mijn zoon naar een andere school om daar met andere slimmeriken extra uitgedaagd te worden. Hij vond het fantastisch en wij natuurlijk ook. Want ik ben stiekem wel heel trots op hem.
De bedoeling van dit experiment was om kinderen meer uit te dagen, zodat ze:1. Iets terug zouden kunnen geven aan hun klas en school. 2. Beter in hun vel zouden zitten, doordat ze omgaan met andere slimme kinderen en omdat ze meer worden uitgedaagd.
Wat mij opviel aan het project is dat veel hoogbegaafde kinderen heel gewoon zijn, net als mijn zoon. Het was ons nooit opgevallen dat hij zo begaafd was. Verder zag ik dat kinderen van verschillende leeftijden in één klas zaten, net als in het Montessori onderwijs. Het bijdragen en teruggeven aan de thuisschool sprak me erg aan. Maar wat kunnen scholen hier in de praktijk mee?
Waarom maakt elke basisschool niet zijn eigen Four-Days-a-Week klassen? Hierin zet je de hoogbegaafde (alles is relatief) leerlingen van verschillende leeftijden bij elkaar. De gewone lesstof gaat er bij deze kinderen in als zoete koek en om ze uit te dagen is hier dus weinig instructie bij nodig. De overige tijd kunnen deze kinderen dan bezig zijn met een verrijkingsprogramma. Eén keer in de week gaan zijn hun inzichten delen met hun eigen peergroup/leeftijdsgroep.
Het voordeel hiervan is dat niet de hele klas met iets uitdagends aan de slag hoeft, omdat een paar snelle leerlingen al door de gewone stof heen zijn. De doorsnee leerling kan werken aan de basisvakken, de betere leerlingen worden uitgedaagd. Misschien blijft er als je dit een beetje handig en ambitieus inricht ook nog wel een halve formatieplaats * over (* geld om een personeelslid aan te nemen). Dat kan dan worden geïnvesteerd in extra zorg voor leerlingen die achter blijven.
Zo heb je als leerkracht ruimte om je aanbod aan te passen aan de overige niveaus in je klas. Het is misschien een kwestie van organiseren.
Wij zijn heel benieuwd naar jullie mening. Laat die graag achter als reactie hieronder.
Onder de reacties verloten we twee lespakketten “Wat wil je worden?” van Kwintessens ter waarde van € 125,--