“Anybody that thinks we come out of this recession and get back to business as usual is deeply mistaken…” aldus Don Tapscott, schrijver van de boeken Wikinomics en Growing Up Digital.
Je zou de huidige crisis kunnen zien als een tijd van uitverkoop. Uitverkoop van oude ideeën. En daarna volgt dan een grote schoonmaak. We zijn nog lang niet uit de crisis. Die is net begonnen. De financiële crisis bleek de trigger te zijn naar een economische crisis. En dat in een periode waar het ogenschijnlijk wel goed ging met bedrijven en organisaties, maar die in realiteit allang door het
Coase Ceiling waren heengegaan. Die realiteit ontpopte zich zonder weerga.
Natuurlijk moeten we niet te licht doen over de financiële crisis. Volgens het IMF heeft het de wereld $10 biljoen gekost. Hoeveel dat is? Nou, zoveel:
$ 1 0 . 0 0 0 . 0 0 0 . 0 0 0 . 0 0 0 .
Tienduizend miljard mag ook.
Dollars, dat wel.
Opvallend is dat het alleen wel een beetje een Westerse crisis is, want de opkomende landen Brazilië, Rusland, India en China komen er aardig doorheen. Die landen hadden blijkbaar gewoon nog niet teveel creatieve bankiers en van een open markt, met een keuze tussen het Rijnlandse of Angelsaksische model was al helemaal geen sprake.
Die BRIC landen maken nu wel aanspraak op een grotere rol in de wereld. V
oorspelling is dat ze in 2035 groter zullen zijn dan de huidige G7 landen.
Natuurlijk hebben die landen nog veel te doen aan de eigen organisatie, om het zo maar eens te zeggen. Maar die landen komen er wel.
Ook het Westen kunnen we niet over een kam scheren. De crisis begon uiteindelijk in de Verenigde Staten, maar de kans is groot dat zij ook als eerste weer opkrabbelen. Ze zijn van oudsher erg veerkrachtig en daadkrachtig. De banken sector wordt gewoon opgeschoond. Die hebben weliswaar een paar grote banken gered, maar er zijn wel 2000 tot 3000 middelgrote banken verdwenen. Ook in het snel saneren van banen zijn ze altijd goed geweest daar in Amerika. Ze zijn goed in grote schoonmaak. En falen is daar geen doodzonde. De Verenigde Staten met President Obama zien we, weliswaar in afgeslankte vorm, weer terug op het wereldtoneel. Als het begroting tekort maar enigszins binnen de perken blijft. Met overigens een minder sterke rol voor de dollar, want die dollar verliest wel terrein.
De opkomende landen, maar ook andere gebieden op deze wereld, gaan op weg naar de zogenaamde muntunies, een eerste opstap naar een gemeenschappelijke valuta. Zo wordt er gesproken over de Afro (Afrika), de Khaleeji (Midden Oosten), de Latino (Latijns Amerika) en de munteenheid in Azie, waarvoor nog geen naam bekend is. Japan zit in het slop. Zelfs een aardverschuivende verkiezingsuitslag in het najaar van 2009 zal daar niet teveel aan kunnen veranderen.
Het IMF schat dat Amerikaanse begrotingstekort op 112% van het BNP in 2014. Dat lijkt veel maar Japan doet 239%, Italië 132% en Het verenigd Koninkrijk 100% .
In Europa hebben we andere problemen dan in Amerika. De invloed in de corporations in Amerika zijn enigszins vergelijkbaar met onze jarenlange regenteske avonturen. Maar verder zijn we verdeeld, terughoudend en afwachtend. We missen nog steeds ergens de factor of het gevoel dat ons zou moeten verbinden. Duitsland zal altijd een meer geïndustrialiseerde samenleving zijn dan de Nederlandse. In Zuid-Europese landen denken leiders archaïsch ten opzichte van de Noord Europese landen. De grotere Europese landen hebben een sterkere neiging tot protectionisme dan de kleinere. Ieder economisch systeem is onlosmakelijk verbonden met het type bedrijven die dominant is, de samenstelling en positie van het maatschappelijk middenveld, de cultuur, het politiek systeem, en haar geschiedenis. Je kunt als premier van een land niet een ideaal economisch model uitkiezen, ook dus niet in Europees verband. Want de invloed van de Europese Commissie en Europees Parlement neemt toe. Europa gaat zich steeds nadrukkelijker bemoeien met lokale zaken en heeft daarbij weinig oog voor de lokale omstandigheden.
Daarbij komen heel veel bedrijven en organisaties, waarvan er zelfs nu nog een aantal in leven gehouden worden met een protectionistische overheidssteun, er nooit meer bovenop. De Nederlandse deeltijd-ww of de subsidieregeling Woningbouw ( een premie van ca €.5000 euro per woning) zijn voorbeelden van tijdelijke steun, die een broodnodige sanering doen uitstellen. En daarmee gewoon weggegooid geld, want op korte termijn loopt de werkeloosheid gewoon op met, volgens de
OECD ongekende vaart.
De Zombie-economie.
Die traditionele en vaak grote organisaties maken deel uit van de zombie-economie. Ze zijn de identiteit kwijt en daarmee reddeloos verloren, niet in de laatste plaats door een wederom toenemende wet- en regelgeving, waarmee onze ambtelijke en politieke bestuurders denken de zaak weer onder controle te kunnen krijgen. Dat onder controle krijgen vertaald zich in nimmer aflatende wet- en regelgeving, met alle (tijdelijke) ingewikkelde subsidie stromen. Ieder innovatie en ondernemerschap en hele industrieën en sectoren worden op deze wijze ervan onthouden op zoek te gaan naar nieuwe business modellen en een andere manier van waardecreatie.
wordt vervolgd.