Steeds weer duiken er in de media berichten op waarin het betreurt wordt dat het aantal vrouwen aan de top niet genoeg groeit. Zo kopte de Volkrant op 20 augustus ‘ Opmars van topvrouw gaat traag’. Er is haast sprake van een heilig moeten: het is noodzakelijk dat er meer vrouwen op hoge posities in bedrijven komen. Maar waarom eigenlijk? Die vraag zie ik zelden naar behoren beantwoord.
Ja, het is zeker politiek correct om de opmars van vrouwen toe te juichen. Je kunt sowieso moeilijk tegen zoiets zijn, maar dat terzijde. De minderheidspositie van de vrouw vraagt blijkbaar om een flinke correctie. Maar waarom lees ik dan nooit iets over de afwezigheid van allochtonen? Of over de aanpassing van boardrooms aan gehandicapten? Die stralen ook door afwezigheid in de top van organisaties.
Gaat het toejuichen van meer vrouwen aan de top dan simpelweg gaan toch over beeld? Zoiets plats als: het is nu eenmaal leuker als er tussen die grijze krijtstrepen ook wat mantelpakjes opduiken. Nee, zo plat is de kwaliteitspers vast niet.
Het antwoord dat opduikt is vrijwel altijd dat vrouwen bepaalde kwaliteiten toevoegen aan managementteams die als typisch mannelijk worden beschouwd. Vrouwen zijn communicatief sterker zijn, empathischer en ze brengen emoties binnen in de door ratio (of zelfs testosteron) gestuurde managementteams. De grote vraag is dan natuurlijk: moeten we ons op sexe concentreren of is onze energie beter besteed als we onderzoeken hoe we managementteams aanvullen met complementaire kwaliteiten? Dus los van het gegeven of het nou een man of een vrouw is die de missende kwaliteiten heeft.
Een betere krantenkop zou naar mijn idee dan ook zijn: ‘Meer gevoel in de top nodig’. En dat kan prima een vrouw zijn, maar net zo goed een man.
Dit artikel verscheen eerder op:
http://howtomanage.academicservice.nl/site/topic/detail/Teamwork.4.html?newsid=20070029
Jaco van der Schoor is Topic Expert Teamwork