John Sas
- Friday 27 November 2009 - 11:16
- 72 x read
De laatste maand denk ik veel na over het thema “vertrouwen”. Voor een belangrijk deel is dit ontstaan vanuit het netwerk “Kerk en Systemisch Werk”. Hierdoor speelt naast het thema “vertrouwen”, ook het thema “geloof” daar in mee. Binnen deze twee thema’s werd ik geconfronteerd met een schijnbaar spanningsveld tussen “zelf-vertrouwen” en “Gods-vertrouwen”. Heel simpel gezegd kan je stellen dat je bij zelfvertrouwen, vertrouwt op jezelf en bij Godsvertrouwen je vertrouwen stelt op God. Mij meer en meer bewust wordend van dit spanningsveld, maakte ik het mijzelf niet makkelijk om een blog te schrijven over Gods-vertrouwen. Er waren zelfs momenten dat ik mijzelf afvroeg wat ik mij op de hals had gehaald om te gaan bloggen over “vertrouwen”. Het is voor mij veel makkelijker om in een blog te schrijven over wat ik zo op een dag tegenkom dan over een dergelijk onderwerp. Verder nadenkend over mijn moeite zag ik mijn eigen gemak dat ik normaal gesproken heb om met dit thema om te gaan. Het gemak om met standaardgedachten en antwoorden te werken in plaats van werkelijk stil te staan bij het thema “vertrouwen” en hoe mijn vertrouwen in mijzelf zich verhoudt tot mijn vertrouwen in God. Ik concludeerde dat ik niet tevreden ben met mijn standaardgedachten over dit onderwerp.
In de christelijke litteratuur die ik over dit onderwerp heb gelezen wordt vaak gesteld dat er bij zelfvertrouwen sprake is van een ik-gerichtheid, in plaats van een God-gerichtheid. Als ik daarnaast terugkijk op veertig jaar persoonlijke geloofsontwikkeling dan constateer ik dat dit ook de dominante boodschap is die ik, opgegroeid in een evangelische context, gehoord heb. Daarbij is, kort samengevat, de boodschap: “stel je vertrouwen op God,want als je op jezelf vertrouwt komt er niets van je leven terecht”. Ik ben tot de conclusie gekomen dat ik steeds minder iemand ben van de “of het één, of het ander” stellingen. Dat ik steeds meer leef vanuit een nuance. Dat het voor mij veel meer “het één en het ander” is.
Aan de ene kant maakt deze nuance mijn leven complexer. Het voelt namelijk heel comfortabel om te denken in goed of fout. Zwart of wit. Het en-en denken maakt mijn wereld veel meer diffuus. Alsof ik daardoor minder houvast heb aan vaststaande waarden of zekerheden. Alsof ik verraad pleeg aan mijn wortels. Alsof ik ontrouw wordt aan mijn systeem van herkomst. Aan de andere kant maakt de nuance mijn leven rijker. Vanuit de nuance heb ik de moed om naar “andere waarheden” te kijken. Vanuit de nuance heb ik een bredere scope op het leven. Er is bij mij een groeiend inzicht dat ik, door breder te kijken, meer en meer mijn eigen pad bewandel. Dat ik daardoor dichterbij kom bij wie ik zelf ben. Meer terecht kom in mijn eigen missie. Van daaruit weet ik dat vertrouwen op mijzelf prima kan samengaan met mijn vertrouwen op God. Dat ik daardoor mijn eigen verantwoordelijkheid opneem en draag.
Van daaruit stel ik dat Godsvertrouwen veel meer een individueel begrip is dan een algemeen begrip. Het zegt iets over het vertrouwen dat ik in God heb. De God die ik vanuit de bijbel en verhalen van anderen heb leren kennen. God die ik heb mogen ervaren in mijn eigen leven. Godsvertrouwen is voor mij een subjectieve ervaring en beleving, waarbij er overeenkomsten en verschillen zijn met het Godsvertrouwen dat anderen hebben. Vanuit mijn Godsvertrouwen zeg ik: ik vertrouw er op dat God mijn leven richting geeft en dat, wanneer ik mij op Hem af stem, meer en meer het pad ontdek dat voor mij bestemd is. Vanuit mijn zelfvertrouwen zeg ik: dit is een zoekproces dat ik aan kan. Het is een proces van “zijn”, “lopen en doen” en van “vallen en opstaan”. Daarbij geniet ik van de weg die ik loop en heb ik vertrouwen dat ik behouden aan kom. Mijn focus is daarbij op God en mijzelf. Zo ben ik met beide “elementen” verbonden. Dat is en voelt voor mij als een rijk Godsvertrouwen.