24 February 2009 - 12:16
In veel gemeenten worden de noodzakelijke werkzaamheden uitgevoerd door vrijwilligers. In mijn gemeente is het heel moeilijk om vrijwilligers te vinden voor bijvoorbeeld ambtsdragers zoals ouderlingen en diakenen. Kijk ik naar het takenpakket dan snap ik het ook wel: grote wijken van zo'n 50 adressen, en dan nog het nodige organisatorische werk. Helaas is de pastorale zorg kind van de rekening: omdat al het regelwerk bijna altijd voorrang heeft is er geen tijd meer voor bezoeken en het pastorale gesprek (Behalve als je een noodgeval bent. Dan moet het gewoon en kan het niet anders.)
Er zijn dus weinig mensen in mijn gemeente die heel veel geven, zeg maar overfunctioneren.
Een groter deel van de gemeente, eerlijk gezegd het GROOTSTE deel, functioneert onder. Van balans is dus geen sprake.
En als ik zo luister naar de verhalen van mijn broeders en zusters is deze disbalans in veel gemeente een bekend verschijnsel.
Binnen het systemisch waarnemen en werken met opstellingen is de balans tussen geven en nemen een belangrijk ordeningsprincipe. Een wetmatigheid is dat elk systeem zoekt naar balans. Ook bij een disbalans tussen geven en nemen wordt er onbewust gezocht naar balans. En zo wordt de disbalans in balans gehouden en hebben alle vrijwilligers elkaar flink in de tang. Bij de minste of geringste beweging om de disblans tussen geven en nemen te herstellen naar balans zal er verzet en weerstand optreden om de disbalans weer in balans te krijgen. Dit spel kan in het oneindige doorgaan.
Veel gezonder is het om met behulp van een gemeenteopstelling te onderzoeken hoe het komt dat er disbalans is, en om zodoende een diepe impuls tot veranderen te ervaren.
De eerste stap daartoe is erkennen dat er een probleem is en dat verandering noodzakelijk is om over- en onderfunctioneren tegen te gaan door de balans tussen geven en nemen te herstellen.
Welke gmeente, kerkelijke leider, kerkenraad durft dit aan?