Vandaag op NOS:
Politie pakt internetfraude aan. Pas na 3 aangiftes. De Politie faalt als overheidsorganisatie. Net als eerder de NS dat deed.
De aangiftebereidheid ligt rond de 30%. Niet meer Nederlanders nemen de moeite een aangifte te doen, fysiek op het bureau (wachttijden, openingstijden) of via internet (
de kaartenbak op internet: hoevaak klik je door?). En van die weinige aangiften blijft structureel zeker weer eenderde gewoon onbehandeld. En oplossings% zijn ook niet hemelhoog. Als het een internetwinkel was, kwam je er nooit meer terug!
Donderdagavond 3/6 vroeg ik medewerkers van het
Centrum voor Criminaliteit en Veiligheid of er een relatie bestond tussen de lage aangiftebereidheid en het gegeven dat er zaken op de plank blijven liggen. Dat was volgens hen een politieke vraag! Daar ben ik niet verder op in gegaan: slechte prestaties leiden volgens mij tot onwil om aangifte te doen. Als het een winkel was, ging je een deur verderop. Naar een ondernemer die z’n klanten wel goed bedient. Maar ja, de Politie heeft een monopoliepositie. Dacht ik.
Winkeliers hebben daar kennelijk toch wat op gevonden: ik hoorde van regelingen waarbij er direct een kostenvergoeding geïnd wordt, en de ondernemer verder geen rompslomp meer heeft bij de politie. Lekker makkelijk, en de politie krijgt het nog rustiger. Want ze had al niet zoveel klanten.
Deze oplossing is natuurlijk hartstikke fout. Hiermee geef je toe dat je de burgers en ondernemers kwijt bent als klant. En vandaag ook nog het bericht dat
internetfraude pas wordt aangepakt bij 3 aangiften per fraudeur. Maar vooruitbetalen zonder levering hoort er mogelijk nog steeds niet bij. Dat leidt dus tot nog minder aangiften. Nog rustiger. Ik zou me als politieman of –vrouw behoorlijk genaaid voelen door m’n bazen, nu zij er niet voor zorgen dat ik m’n werk beter kan doen. Maar juist de deur naar de ondernemers en burgers nog verder dicht zet.